Ondernemers + overheid + onderwijs: Samenwerken is het toverwoord

13 februari 2018 09:57

Ondernemers + overheid + onderwijs: Samenwerken is het toverwoord

Nu de crisis achter ons ligt, staan alle seinen op de arbeidsmarkt weer op groen. Dit wil niet zeggen dat iedereen zomaar een plekje in het arbeidsproces kan vergaren. De eisen die aan medewerkers worden gesteld zijn nog steeds hoog en dus moet er vaak nog een opleiding worden gevolgd, voordat aan de voorwaarden kan worden voldaan. De ronde tafel, te gast bij Zorggroep Drenthe, met als onderwerp Personeel- en Organisatiemanagement, kijkt in elk geval optimistisch naar de komende jaren, “want er gebeuren overal hele mooie dingen.”

Ondanks dat er in diverse branches tekorten ontstaan, gaan de eisen die aan nieuwe medewerkers worden gesteld vooralsnog niet omlaag. Marco Schonewille van Werkgeversservicepunt Drenthe verwacht dat dit een kwestie van tijd is. “De goede paarden zijn van stal, maar er staan nog voldoende prachtige paarden te wachten op een kans. Misschien moeten ondernemers vaker zelf gaan opleiden en deze mensen geschikt maken voor hun bedrijf. Ik denk dat dit besef groeit. Iedereen is op zoek naar gemotiveerde mensen die willen leren. En die zijn er gelukkig nog genoeg.” (www.wspdrenthe.nl)

Wim Kollen van Menso in Emmen bevestigt dit beeld. “Werkgevers nemen nu vaker genoegen met werknemers die niet aan alle functievereisten voldoen. De werkgevers zijn bereid om deze mensen verder intern op te leiden. Dat heeft onder andere met de krapte op de arbeidsmarkt te maken.” (www.menso-emmen.nl)

Dat merken ze ook bij Sabanoord, accountants en adviseurs. Jacob Slenema: ”We zoeken iemand die er meteen staat, maar dat wordt steeds moeilijker.” Volgens Diana Gorter van Werkplein Drentse Aa heeft dat onder andere met de jeugd te maken. ”Ze weten over het algemeen niet hoe de arbeidsmarkt eruitziet. Er is wat dat betreft een gat tussen de verwachtingen en de realiteit.”

Stages

Jan Berend van der Wijk, regiodirecteur Alfa College, stelt dat het beeld verschillend is. "Mensen die op niveau 4 afstuderen vinden snel een baan, zeker in de techniek. Mensen van niveau 2 worden ook wel gevraagd, bijvoorbeeld in de zorg, maar moeten dan wel verder kunnen groeien. Ik ben blij dat de jeugd middels stages kennis kan maken met de werkelijkheid van alledag en kennis kan maken met hoe bedrijven en instellingen werken. Daardoor verandert hun beeld vaak wel. Waar wij steeds meer naar op zoek zijn is samenwerking met bedrijven. Immers, de ontwikkelingen gaan snel, als opleider is het lastig om up-to-date te blijven. Om de aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven toch te realiseren is samenwerking vereist.” (www.alfa-college.nl)

Schonewille merkt op dat ook het bedrijfsleven het belang van die samenwerking inziet.

Vrienden van Techniek

“We hebben de wind mee”, geeft Van der Wijk aan. “Er is krapte op de markt, iedereen wil met het Alfa College samenwerken.” Als voorbeeld noemt hij de techniek. “Voorheen moesten we veel moeite doen om de klassen vol te krijgen. Inmiddels hebben we de Vrienden van Techniek opgericht waarin allerlei betrokken partijen hun krachten hebben gebundeld, om bijvoorbeeld vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. Inmiddels zien we dat het weer goed gaat met de belangstelling voor techniek. Datzelfde willen we nu ook in de zorg realiseren, want ook daar is een enorme vraag naar personeel.”

“Wat we ook veelvuldig doen is het binnenhalen van opdrachten uit het bedrijfsleven. Leerlingen staan daar positief tegenover, omdat ze daadwerkelijk aan iets kunnen werken wat gebaseerd is op de realiteit.” Als voorbeeld noemt hij projecten op het gebied van de circulaire economie, wat in de provincie Drenthe actueel is. “Dat zijn prachtige opdrachten voor onze studenten.”

Flex

Kollen voegt toe dat hij blij is met het feit dat het onderwijs meer meebeweegt met de vraag en ook steeds flexibeler wordt. “Waar je vroeger alleen in augustus met een opleiding kon starten, kan dat nu bijkans het hele jaar door. Dat is goed en is ook weer een gevolg van de intensivering van de samenwerking.” Van der Wijk geeft aan dat het Alfa College altijd op zoek is naar samenwerking, juist omdat de resultaten fantastisch zijn.

Volgens Schonewille moeten we toe naar een situatie waarin ondernemers, onderwijs en overheid veel nauwer samenwerken, iets wat door de gehele tafel wordt bevestigd. “Het gaat uiteindelijk om het gezamenlijk belang”, voegt Gijs den Engelsman van Performance Matters toe. “Wat dat betreft is het goed dat werkgevers inmiddels ook anders naar de arbeidsmarkt kijken, ook al is dat min of meer uit noodzaak geboren.” (www.PerformanceMatters.nl)

“Op 15 maart aanstaande hebben we het project On Stage, waarin we 800 vmbo-leerlingen kennis laten maken met ondernemingen”, gaat Schonewille verder.” Gorter juicht dit toe, omdat er volgens haar vaak nog vooroordelen zijn ten aanzien van bepaalde beroepen.

Andere keuzes

Grietje Liezen, projectleider Vrouwen Kiezen, in de provincie Drenthe, geeft aan dat de jongere vrouw tot en met 30 jaar leuk meekomt, “maar daarna wordt het lastig, omdat er dan ook andere keuzes gemaakt moeten worden. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met het moeder worden.” Volgens haar moet er nog een hoop veranderen om de kansen van vrouwen op de arbeidsmarkt, maar bijvoorbeeld ook in de politiek, op hetzelfde niveau te krijgen als van mannen. “Als een kind geboren wordt, dan is dat daarna een kind van een moeder en een vader. Wat je echter ziet is dat bedrijven wel ruimte geven aan vrouwen om parttime te werken, maar niet aan mannen. Dat is vreemd. Het zou helpen als bedrijven daar mogelijkheden voor gaan bieden, zodat vrouwen ook voor hun kansen kunnen gaan, in het bedrijfsleven, maar ook in de politiek.”  (www.drenthe.nl/vrouwenkiezen)

Van der Wijk zegt dat er in de huidige situatie veel arbeidspotentieel onbenut blijft. En ook Gorter is het met Liezen eens. “Ik heb twee kinderen en veel mensen vinden het vreemd dat ik fulltime werk, dat zeggen ze echter nooit tegen mannen.” (www.wpda.nl)

Beeldvorming

Kollen laat weten dat zijn organisatie zich richt op het ontwikkelen van werkzoekenden, om zo vraag en aanbod op de arbeidsmarkt dichter bij elkaar te brengen. “In 2017 hebben wij een project opgestart specifiek gericht op werkzoekende vrouwen, met als doel deze te begeleiden naar regulier werk. De beeldvorming is daarbij dat het om parttime werk gaat, maar wij gaan, indien dit tot de mogelijkheden behoort, zeker ook voor een volledige werkweek, zodat een eventuele uitkering beëindigd kan worden.” Schonewille denkt dat bedrijven zelf de kansen voor vrouwen kunnen vergroten. “Bijvoorbeeld door flexibeler om te gaan met de werktijden, maar dat blijkt in de praktijk erg lastig te zijn.” Den Engelsman begrijpt dat niet. “Tussen 8 en 5 noemen we flexibel, maar tussen 9 en 3 niet.”

Eigenaarschap

De kern ligt volgens Den Engelsman in het verder ontwikkelen van mensen en bedrijven. “Ik heb zelf niets met een papiertje alleen. Het gaat erom of personen en bedrijven zich ontwikkelen en of ze daar ook de kans voor krijgen. Bedrijven moeten een volgende stap zetten met de mensen die ze hebben en dan zien we vaak hobbels opdoemen. Daar is leiderschap voor nodig, er moet verbinding ontstaan. Mensen die je het beste kunt plaatsen, zijn zij die eigenaarschap pakken. Zij willen ervoor gaan en zij gaan het redden.” Gorter geeft aan dat er al steeds meer gestuurd wordt op competenties. “Er zijn voorbeelden van mensen die geen papiertje hebben, maar toch de kans krijgen om voor een bepaalde baan te gaan.”

Opleidingsniveau

Van der Wijk maakt zich ondertussen zorgen over het opleidingsniveau in Noord-Nederland. “Te veel mensen zijn te laag opgeleid, ik denk dat het ambitieniveau in Noord-Nederland toch net even wat lager ligt dan elders.” Kollen denkt dat het belangrijk is dat mensen een beroepsopleiding volgen. “Daar is veel vraag naar, terwijl het aanbod van met name ambachtslieden op dit moment gering is.”

Liezen ziet kansen voor vrouwen die op dit moment hun ambities niet kunnen waarmaken. “Juist deze vrouwen zouden een politieke carrière moeten overwegen. Daar denk je misschien niet meteen aan, maar je doet er wel ontzettend veel ervaring op en het is erg leerzaam.”

Bij Sabanoord is men bezig met een verjongingsslag, waarin volgens Slenema ruimte is voor mensen met een verschillend opleidingsniveau. “Het bulkwerk verdwijnt en wordt overgenomen door de automatisering, maar het controlewerk blijft voorlopig nog wel. Wij krijgen bijvoorbeeld nog steeds schoenendozen met bonnetjes op het bureau en dat moet toch echt verwerkt worden.” Kollen constateert dat veel mensen in administratieve beroepen aan het werk willen, maar dat het aanbod van licht administratief werk beperkt is. “Dat neemt niet weg dat er in andere branches meer werk vrijkomt. Werkgevers hebben op dit moment zeker behoefte aan werknemers die graag aan het werk willen en gemotiveerd en flexibel zijn. Wij zien het als onze taak om werkzoekenden die enige tijd aan de zijlijn hebben gestaan weer arbeidsfit te maken.” (www.sabanoord.nl)

“Geef ze daar dan ook de tijd voor”, voegt Den Engelsman toe. “En stuur ze niet vanaf de begane grond in één keer naar de derde verdieping, want dan weet je zeker dat je tegen problemen aan gaat lopen.” Schonewille vindt dat dit ook aan werkgevers uitgelegd moet worden, “want een langer traject kost uiteraard tijd en geld, dat besef moet er wel zijn.”

Afstand tot de arbeidsmarkt

Van der Wijk vraagt vervolgens aandacht voor de kwetsbare onderkant van de samenleving, waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt maar moeilijk werk kunnen vinden. Volgens Schonewille staan de meeste werkgevers wel open voor werknemers die moeilijk plaatsbaar zijn. “Sterker nog, zij vullen de taakstelling sneller in dan de overheid. Hier zijn wij uiteraard zeer content mee en onderstreept de goede samenwerking met het bedrijfsleven en de bereidwilligheid van ondernemers om met mensen, die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben, daadwerkelijk aan de slag te gaan.”

Den Engelsman spreekt in dit verband van een spanningsveld. “We moeten investeren in mensen en ze meenemen in het proces, want uiteindelijk moet iedereen een kans krijgen. Maar, er vallen ook mensen buiten de boot en dat kun je niet altijd voorkomen.”

Leiderschap

“Ik vind dat veel ondernemers te traditioneel naar hun bedrijf kijken. Dat is niet vreemd, want je groeit ergens in en dan is het logisch dat je daarin bijna automatisch meegaat. Het betekent meestal wel dat ze onvoldoende uit hun medewerkers halen. Er is veel meer uit te halen namelijk, is mijn overtuiging. Dan praat je over persoonlijk leiderschap en het aansturen van teams, daar wordt mijns inziens veel te weinig in geïnvesteerd. Daar moet je wel eigenaarschap voor willen opnemen.”

Liezen ziet hier een rol voor vrouwen weggelegd. “Uit diverse projecten blijkt dat waar vrouwen deel uitmaken van een team, de sfeer anders is. Dat is misschien gechargeerd, maar onderzoek toont dat wel aan. Kijk maar eens naar gemeenteraden. Als daar alleen mannen in zitten, is de sfeer anders en kan er ook een eenzijdige visie ontstaan. Zitten er vrouwen in, dan komen er andere thema’s aan bod en verandert de sfeer. Dit is gebleken uit gesprekken die we hebben gevoerd met een aantal Drentse gemeenten.” Kollen is het daar mee eens:” Diversiteit vergroot de kracht van je team.”

Conflicten

“Succesvolle teams kunnen conflicten met elkaar hebben”, vervolgt Den Engelsman. “Als je dat goed voor elkaar hebt, zal het team als geheel succesvoller zijn.” Slenema geeft aan dat er in de praktijk een groot spanningsveld zit tussen accountants en fiscalisten. “Accountants hanteren processen en daar houden ze zich aan, terwijl fiscalisten altijd op zoek gaan naar de mazen van de wet. Dan moet je als eindverantwoordelijke, wat altijd de accountant is, een goed verhaal hebben en kunnen verantwoorden waarom je bepaalde keuzes moet maken.” Ook dat is leiderschap.

De grootste uitdaging die er voor veel ondernemers aan zit te komen, of zelfs al actueel is, is om het personeel binnenboord te houden. Zeker in een markt waar krapte heerst hebben medewerkers de banen voor het uitzoeken. De tafel bevestigt dit beeld en geeft nog maar eens aan: “Er is veel te doen, er gebeuren overal hele mooie dingen, waarbij met name de samenwerking tussen ondernemers, overheid en onderwijs tot fraaie resultaten leidt. Op die voet moeten we met elkaar doorgaan en bereiken we de beste resultaten.”

Dit tafelgesprek vond plaats bij Zorggroep Drenthe in Assen, waar de deelnemers uitermate vriendelijk werden ontvangen en in een ontspannen ambiance hun visie op het onderwerp Personeel- en Organisatiemanagement konden geven.

 

Tekst: Henk Poker // Fotografie: Gerrit Boer

 

 

 

terug

Reacties op dit artikel

Reactie plaatsen? Log in met uw account.

Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website en diensten te optimaliseren maken wij gebruik van cookies. Deze cookies gebruiken wij voor functionaliteiten, analytische gegevens en marketing doeleinden. U vindt meer informatie in onze privacy statement.