Gepubliceerd op 30 oktober 2020

Ambitieuze gemeente Lingewaard zoekt samenwerking voor energiedoelen

In 2050 wil de gemeente Lingewaard volledig energieneutraal zijn, maar het tuinbouwgebied al in 2030. Dat is heel ambitieus, maar wethouder duurzaamheid Aart Slob denkt dat het haalbaar is wanneer bedrijven en inwoners uit de gemeente meedenken en vooral participeren. ”We doen het voor de toekomstige generaties”, zegt Aart Slob. “Ik nodig iedereen van harte uit mee te denken over de vraagstukken rondom de energietransitie.”

Gemeente Lingewaard, gelegen tussen de grote steden Arnhem en Nijmegen, heeft bijna 47.000 inwoners verdeeld over de kernen Angeren, Bemmel, Doornenburg, Gendt, Haalderen, Huissen en Ressen. Met de rivieren Rijn, Waal en Linge is Lingewaard behoorlijk waterrijk. Dankzij de vruchtbare bodems van dit rivierenlandschap kent de gemeente traditioneel veel boomgaarden en glastuinbouw met een dorpse en landelijke uitstraling. In de ambitieuze plannen speelt de glastuinbouw een prominente rol. NEXTgarden wil het eerste energieneutraal tuinbouwgebied van Nederland worden uiterlijk in 2030.

NEXTgarden middenin transitie

“De tuinbouwbedrijven in NEXTgarden hebben gezamenlijk de ambitie om flinke stappen te maken met duurzaamheid en daarbinnen

met energietransitie”, begint Aart Slob. Van oudsher wordt de tuinbouw gezien als energieslurper, maar dat gaat veranderen. Aan de ene kant gaat de sector energie besparen en aan de andere kant gaat ze gebruik maken van duurzame energiebronnen. “Ze gebruiken natuurlijk heel veel licht, dus ze schakelen over op ledverlichting en experimenteren met verschillende kleuren en instellingen. Daarnaast maken ze gebruik van restwarmte uit de kassen”, verduidelijkt de wethouder. Het uiteindelijke doel voor dit glastuinbouw gebied is honderd procent energieneutrale teelt. “We hebben in NEXTgarden al een grote biovergistingsinstallatie voor biogas, we hebben een drijvend zonnepark op de gietwaterplas en we hebben een groot zonnepark op de Lingewal”, gaat hij verder. In dit gebied zijn er ook concrete plannen voor windenergie en de tuinders werken aan de realisering van een snoeihoutcentrale. “Een ander mooi project in NEXTgarden is de hoge temperatuur opslag van warmte in de aarde; de restwarmte van de zomer pompen we dan weer op in de winter. We onderzoeken momenteel ook of zonnethermie, geothermie en aquathermie zinvolle en rendabele oplossingen kunnen zijn voor NEXTgarden.”

Overschotten en tekorten aan warmte worden in het gebied zelf opgelost. “We willen dat warmtenetwerk uitbreiden naar het hele glastuinbouwgebied en mogelijk naar omliggende wijken. En wie weet rollen we het warmtenetwerk nog verder uit en koppelen het aan bestaande netwerken van bijvoorbeeld Arnhem”, aldus Aart Slob.

Innovatie en ondernemen

De duurzame energiemix, zoals het bovenstaande wordt genoemd, is misschien het belangrijkste speerpunt van NEXTgarden, maar niet het enige. Met Wageningen University & Research, Hogeschool Van Hall Larenstein en Helicon mbo-opleiding om de hoek ligt NEXTgarden in de regio met de meeste kennis over gewassen en telen. “De Universiteit van Wageningen heeft in NEXTgarden een aantal kassen waar ze het innovatief telen willen testen. Ze zijn bijvoorbeeld in een proefopstelling kurkuma aan het telen, zodat het niet meer met verre vluchten uit India hoeft te komen, waardoor we kortere ketens krijgen”, verduidelijkt Aart Slob. “Duurzaamheid wordt voor afnemers een steeds groter thema en daar moeten bedrijven op anticiperen.

“Duurzaamheid wordt voor afnemers een steeds groter thema en daar moeten bedrijven op anticiperen”

Wij kunnen dat niet opleggen. Ondernemers luisteren naar elkaar en naar afnemers. Ik geloof erin dat goede voorbeelden zoals NEXTgarden ondernemers zal stimuleren om ook te investeren in duurzaamheid en ons beleid is erop gericht om deze goede voorbeelden op het podium te zetten.” Als voorbeelden noemt hij dat telers in NEXTgarden steeds minder pesticiden gebruiken en het biologisch telen toeneemt. Nog een voorbeeld: “Al het hemelwater op de kassen wordt via slootjes opgevangen in de gietwaterplas en die dient op zijn beurt weer om de gewassen in de kassen te besproeien.” Onlangs heeft De Tegelgroep zich in een grote bedrijfshal in Lingewaard gevestigd. “Ze zijn helemaal van het gas af met een enorme hoeveelheid zonnepanelen op het dak bijvoorbeeld. In Gendt is het productiebedrijf Lamers gevestigd, een echt familiebedrijf. Hun pand is energieneutraal met behulp van zonnepanelen en de opslagtechniek die SolarIce heet. Daar geven we graag aandacht aan om zo andere ondernemers te stimuleren. Wij willen de partijen met elkaar te verbinden.” Naast het imago bekijken ondernemers vooral ook wat het hun oplevert in hun portemonnee. Investeren in duurzaamheid is volgens de wethouder ook financieel aantrekkelijk.

Goede voorbeeld geven

Naast dat de gemeente Lingewaard duurzame ondernemers op het podium zet, geeft het zelf ook het goede voorbeeld. “Het recent geopende gemeentehuis is uitgerust met een warmte-koudeopslag; de daken liggen helemaal vol met zonnepanelen; binnen is alles energiezuinig zoals de ledverlichting en buiten in de tuin hebben we stroken gezaaid om de biodiversiteit te bevorderen”, somt Aart Slob op. De 5.000 zonnepanelen op het gemeentehuis en andere gemeentelijke accommodaties maken deel uit van een veel groter plan. “Voor 2030 willen we in Gemeente Lingewaard 140.000 zonnepanelen op daken hebben liggen. Met zestien gemeenten, drie waterschappen en de provincie maken we deel uit van de Regionale Energie Strategie. We hebben een inventarisatie gedaan voor de beste plekken voor zon- en windenergie in de regio. De RES wil vooral ook ondernemers stimuleren hun daken vol te leggen met zonnepanelen. En dat geldt wat ons betreft ook voor woonhuizen: Eerst de daken vol.” Gemeente Lingewaard probeert alle beslissingen zoveel mogelijk in overleg te doen. “Het is heel belangrijk dat we het samen doen. Zo kunnen we de ouders van gezinnen goed bereiken via school. Thema’s als bijvoorbeeld korter douchen, zonnepanelen en andere besparingen kunnen we zo makkelijker over het voetlicht brengen.” Wethouder Slob denkt dat we in een overgangsfase zitten en dat de jongere generatie duurzame oplossingen en hernieuwbare energie vanzelfsprekend gaan vinden. “Kinderen op basisscholen vinden windmolens prachtig. Daar denkt mijn generatie heel anders over. Jongeren gaan ook anders om met gebruik en bezit. We hebben in onze gemeente twee elektrische deelauto’s. Dat zou kunnen leiden tot minder tweede auto’s, op termijn misschien minder auto’s. Daardoor heb je minder parkeerplaatsen nodig, en dus minder steen en meer mogelijkheden om het grondwater op peil te houden.” Plannen genoeg. Hele goede en ambitieuze plannen, nu snel weer aan de slag.

www.nextgarden.nl