Gepubliceerd op 7 oktober 2019

Nederland lijkt klaar voor energiepositief bouwen

Een ruime meerderheid van de Nederlanders, maar liefst 79 procent, vindt dat er een energietransitie moet komen. Dat blijkt uit een onderzoek van het marktonderzoeksbureau Motivaction onder 1.250 landgenoten. Volgens Gerard van der Werf van Motivaction kunnen Nederlanders onderverdeeld worden in vier groepen als het over een verandering in de energieconsumptie gaat. Een kleine groep van zo’n dertien procent zegt tegen een verandering in hun verbruik te zijn; een tweede groep stelt wel voor een ander energieverbruik te zijn maar onderneemt nog geen stappen in die richting. Een andere groep is erg bewust bezig met duurzame energie en handelt daar ook naar. De laatste groep bestaat uit Nederlanders die “onbewust” groen zijn. Dat wil zeggen dat ze zichzelf niet als groen zien, maar uit economische redenen wel spaarzaam met energie omspringen. Een grote groep Nederlanders is dus bereid om anders te gaan leven, of dat nu uit eigen belang is of uit klimaatvriendelijke overwegingen. Dit kan belangrijke gevolgen hebben voor de bouwsector. Andere bouwgewoonten met betrekking tot isolatie en energie zullen steeds vaker hun intrede doen.

Energiepositieve wijken

Bouwcoöperaties lijken te beseffen dat er kansen liggen in het inzetten op duurzaamheid. In ons land worden in de toekomst volledige wijken gebouwd die niet enkel energieneutraal zijn maar zelfs energiepositief. Dat wil zeggen dat ze energie bijdragen aan het net, bijvoorbeeld via zonne- of windenergie. Het Zuid-Hollandse Voorhout heeft sinds kort al zo’n energiepositieve buurt: Het wonen daar is een totaalconcept van Plusleven. Gebouw, energie en auto worden aan elkaar gekoppeld. De energie wordt opgewekt en meteen lokaal gedeeld. De bedoeling is dan ook dat men er elektrisch gaat autodelen in de nabije toekomst. Nu is deze wijk nog een uitzondering, maar volgens de uitvoerders is het concept makkelijk op grotere schaal te brengen. Bewoners zijn alvast positief; zo stelt Marielle van Bemmel dat ze slechts 18 euro per maand voor energie betaalt en dat alles perfect werkt, zonder fossiele brandstoffen te gebruiken. Leefconcepten als Plusleven kunnen dus zowel de groene als de zuinige consument aanspreken.

Ook energiepositieve bedrijventerreinen?

Uit een andere enquête blijkt dat bijna de helft van de grotere mkb-bedrijven zich als vernieuwer ziet, en al zeker op het vlak van duurzaamheid. Willen onze bedrijven echter naar een energiepositieve toekomst, dan zullen ze dat collectief moeten doen. Dus moeten ze er ook voor zorgen dat de bedrijventerreinen waar ze samen gevestigd zijn in totaal meer energie leveren dan dat ze verbruiken. Het delen van een elektrisch wagenpark kan hierbij bijvoorbeeld interessant zijn. Via asset management software kan er dan ook nagegaan worden welk bedrijf op welk moment welk voertuig nodig heeft en hoe hier ook nog kosten én energie op bespaard kunnen worden. Deze aanbieder heeft nu al een dergelijke oplossing op de markt. Zonnepanelen op nieuwe distributiecentra of loodsen en warmtepompen om de kantoren te verwarmen zullen de standaard moeten worden. De bouwsector kan ook hier op inzetten. Maar er is meer; op dit moment is er bijvoorbeeld het futuristisch lijkende plan ETNA, Energy Transition Natural Accumulator, in Hoorn. Het bedrijventerrein Hoorn 80 wil met een energieopwekkende batterij aan de kust, in de vorm van een vulkaan, een duurzame energiehub worden. Het principe gaat als volgt: ETNA gebruikt windenergie om water op te pompen, dat water zakt dan via turbines naar beneden en wekt zo stroom op. Zo wordt ETNA een natuurlijke batterij voor de volledige wijk en bij uitbreiding de stad. Daarnaast zou ETNA een toeristische attractie worden, met ruimte voor recreatie en ecologie. Zo wordt energiepositief leven en werken nog aantrekkelijker voor bedrijven én consument.