Gepubliceerd op 30 januari 2017

‘Arbeidsmarkt is definitief veranderd. Nu de regels nog.’

Als er één thema is, waar ondernemers (werkgevers!) tegenwoordig elke dag in de praktijk mee te maken hebben, dan is het wel de arbeidsmarktproblematiek. Het is (helaas) nog steeds één van die thema’s waar de politiek maar geen stevige besluiten in lijkt te kunnen nemen. De reden? De meningen in het Haagse zijn sterk verdeeld en die meningen zullen alleen maar sterker richting de eigen ideologieën opgaan, zeker met het oog op de aankomende Tweede Kamerverkiezingen in maart 2017.

Maar ja, hoe gaat het daarna in de coalitie- en beleidsvorming? Kiezen we voor een heel flexibele arbeidsmarkt waar het vaste contract per definitie niet meer aan de orde van de dag is of kiezen we juist wel voor die zekerheid voor werknemers? Of… zijn er nog creatieve tussenvormen te bedenken die ook recht doen aan de behoeften van de beroepsbevolking van Nederland?

Ook in het rondetafelgesprek dat Hét Ondernemersbelang medio december in Amsterdam organiseerde en waar professionals en ondernemers bij elkaar kwamen om over de arbeidsmarkt te praten, kon er niet tot een eenduidige conclusie worden gekomen. Sterker nog: het ging niet alleen om de vraag in hoeverre we de arbeidsmarkt flexibel willen laten zijn, het ging ook om de mindset die er onder ondernemers heerst hoe om te gaan met talent. (Moet je wel of niet investeren in het talent van je medewerkers of zijn medewerkers daar zelf verantwoordelijk voor?).

En, wat doen we eigenlijk met de opkomst van het grote aantal zzp’ers in Nederland? Kunnen we wellicht een onderverdeling maken in deze zzp-populatie omdat intussen wel duidelijk is geworden dat we alle éénpitters zeker niet over één kam moeten scheren. Immers, zzp’ers hebben elk vaak een heel eigen motivatie waarvoor ze zzp’er zijn geworden. Was het een ‘gedwongen scenario’ of een ‘vrije keuze’?

“Werknemers moeten zich meer bewust worden van hun talenten en drijfveren”

Moeten we tevens het onderwijs in Nederland herstructureren zodat er meer focus komt op ondernemerschap en op ondernemend gedrag of zoals één van de deelnemers aan het rondetafelgesprek zei: we zouden eigenlijk ook onze jongeren moeten onderwijzen in het vak ‘Keuzes Maken’ want…. De vraag is of mensen de consequenties van de door hen gemaakte keuzes wel kunnen inschatten c.q. kunnen aanvaarden? Het lijkt essentieel om daar de mindset van mensen te willen veranderen omdat dit grote invloed heeft op hoe we de arbeidsmarkt dan definitief kunnen inrichten’ Of in ieder geval, dat we deze de komende jaren weer enig bestaansrecht kunnen geven.
Ook werd gesproken over de leeftijdsdiscriminatie. Wat is dat toch met die ondernemers die op de een of andere manier niet zo gecharmeerd lijken te zijn van de wat oudere werknemer? Die hebben toch juist de ervaring en expertise om over te brengen op de jongere medewerkers? Bovendien kunnen zij omgekeerd weer leren van die ‘vluchtige’ jongeren.

De rode draad was natuurlijk hoe we met z’n allen de concurrerende slagkracht van Nederland als geheel moeten zien te behouden.

Er werd in het rondetafelgesprek gedebatteerd over drie stellingen:
1. Het mkb kan beter zzp’ers inhuren in plaats van werknemers aannemen.
2. De Wet Werk en Zekerheid blijkt een economische catastrofe.
3. Er dreigt schaarste op de arbeidsmarkt.

De belangrijkste conclusie? De arbeidsmarkt is definitief veranderd. Nu de regels nog.

Ronald Postma: ‘Werknemer moet zich breder gaan ontwikkelen’

“Dat de zzp’er groots in opkomst is, hoeven we niet te ontkennen maar de werknemer bestaat nog steeds. Ik denk dat het gaat om het vinden van een goede mix tussen de zzp’er en de werknemer. Dat is goed voor organisaties omdat je dan op verschillende manieren aan kennisverrijking doet. In z’n algemeenheid stel ik wel – en dat geldt dus ook voor werknemers – dat mensen wat meer wendbaarder zouden moeten worden. Mensen moeten zich realiseren dat de zekerheden in de huidige veel dynamischere economie minder zijn geworden en dat dit voor de komende jaren ook zo zal blijven. Met andere woorden: we zullen de beroepsbevolking moeten uitdagen om meerdere talenten te ontwikkelen. Je kunt als werknemer niet meer inzetten op één specifiek talent; je zult je breder moeten oriënteren waardoor je de kansen voor jezelf vergroot op de arbeidsmarkt, die steeds meer en andere competenties vraagt. Tegelijkertijd weet niemand waar we over 5 jaar precies staan, maar het is wel bittere noodzaak om een degelijke visie te ontwikkelen op de vraag hoe we omgaan met de toenemende schaarste en hoe we talent aan onszelf weten te binden.”

Marleen van Woerden: ‘Het streven van de wetgever naar vaste contracten strookt niet met de behoefte aan flexibiliteit in de praktijk.’

Op de vraag of het mkb beter zzp-ers of werknemers in dienst kan nemen, geeft Marleen aan dat werkgevers eerst hun doelstellingen moeten formuleren. Willen ze flexibiliteit of continuïteit? Afhankelijk daarvan kan bepaald worden wat beter is. Marleen ziet de afgelopen jaren ook een toename van het aantal zzp’ers, hoewel de onduidelijke Wet DBA daar recent weer wat verandering in heeft gebracht. “Werkgevers, maar ook werknemers lijken op zoek te zijn naar een zekere mate van flexibiliteit. De wetgever is daar met de WWZ nog niet voldoende aan tegemoet gekomen en zorgt er mogelijk zelfs voor dat de arbeidsmarkt verstart; werkgeverschap is nog steeds zwaar behangen. Dat vind ik een gemiste kans. Ik zie dat werkgevers via payrolling, contracting en met zzp-constructies toch proberen die flexibiliteit te benaderen.” Marleen ziet dat het mkb veel negatieve kanten ervaart van de WWZ, zoals het betalen van de transitievergoeding ook bij langdurige arbeidsongeschiktheid. “Dit is een extra financiële belasting bovenop de twee jaar loon die tijdens ziekte al is doorbetaald. De transitievergoeding zal dan niet ten laste van de werkgever komen maar van het algemeen werkloosheidsfonds.” In z’n algemeenheid pleit Marleen ervoor na te denken over flexibelere contractvormen, zodat werkgeverschap aantrekkelijker wordt en de doorstroom wordt gestimuleerd. Marleen ziet daarnaast een HR-trend waarin meer aandacht is voor duurzame inzetbaarheid. Zij ondersteunt deze trend, aangezien gezonde en gelukkige werknemersbijdragen aan de gezondheid van het bedrijf en onze maatschappij als geheel.

Marja Beumer: ‘De verzorgingsstaat is niet meer het credo’

“Beroepen voor een lifetime bestaan niet meer. De jongeren die nu nog op school zitten, gaan later beroepen uitoefenen, die nu nog niet bestaan. Dat betekent dat we dus moeten gaan werken aan een bepaalde mate van flexibiliteit in de mindset. Dat kun je niet van de één op de andere dag voor elkaar krijgen, daar moet je al mee starten in het onderwijs. We zouden het met jongeren eens moeten hebben over de vraag HOE je keuzes in het leven maakt. Ik heb het daar op Hogescholen weleens over, maar men vindt dat nu helemaal niet interessant. Het is te zweverig. Maar feit is wel dat een heleboel banen gaan verdwijnen en dat lijken we ons nog helemaal niet voldoende te realiseren. We moeten dus op een andere manier gaan nadenken over wat er speelt op de arbeidsmarkt. Er wordt te veel gegeneraliseerd, het beleid dat wordt gemaakt is te algemeen. Ik geloof veel meer in kleinschaligheid. De overheid moet zich er niet mee bemoeien. De mensen kunnen het zelf oplossen. Het past ook in de tijdgeest: de verzorgingsstaat is niet meer het credo. We zijn al aan een participatiemaatschappij aan het worden. Ook ondernemers (werkgevers) zouden eigenlijk veel meer moeten durven experimenteren. Bijvoorbeeld door het uitwisselen van werknemers die dat graag willen. Wie weet wat voor inspiratie dit oplevert! Naar een andere mindset dus!”

Alexandra Benning: ‘Steeds meer belangstelling voor hybride werken’ 


“Wij constateren bij het UWV dat veel mensen – werkzoekenden – nog hechten aan een flink stuk zekerheid. Mensen vinden het lastig omgaan met onduidelijke vooruitzichten. Daarnaast zie ik dat werkgevers wel degelijk bereid zijn om vaste contracten aan te bieden, zeker in sectoren waar werkgevers lastig geschikt personeel kunnen vinden. Tegelijkertijd zie ik nog een andere ontwikkeling: dat is die van het hybride werken. Dus, je werkt bijvoorbeeld part-time voor een werkgever en de rest van de tijd ben je aan het ondernemen. Ik denk dat dit komt omdat mensen meer zingeving in hun leven zoeken. Ze weten dat er op deze wijze een kans ontstaat hun eigen talent nog beter te ontplooien. Ik zie echter ook dat de verschillende generaties hier heel anders over denken. De ouderen denken nog meer in een werkgever-werknemer relatie; de jongeren zoeken die flexibiliteit en kunnen ook beter omgaan met die mogelijke onzekerheid. Dat we mensen moeten stimuleren en verleiden zichzelf te ontplooien, staat voor mij ook vast. De arbeidsmarkt is nooit een één-op-één-verhaal: schaarste en overschot zullen er altijd blijven, maar we moeten inzetten op het zo klein mogelijk maken van deze kloof.”

Olfertjan Niemeijer: ‘Ik verzet me tegen het individualisme’

“Er is wat mij betreft een generatieconflict. De ouderen bepalen de wetten en regelgeving, maar ze vergeten daarbij dat behoeften bij de jongeren overduidelijk zijn veranderd. Daarnaast zie ik tot mijn spijt dat de wet- en regelgeving de onderkant van de samenleving vergeet. Er dreigt een tendens dat iedereen maar vooral de verantwoordelijkheid voor zichzelf moet nemen en dat we niet meer naar anderen omkijken. Er is iets in de maatschappij – en dus ook in de arbeidsmarkt – geslopen dat uitgaat van het credo: ‘Als je het zelf maar goed hebt….’. Ik verzet me daar zeer tegen. Ook de oudere werknemers zijn op dit moment de dupe. Vooral de 45-plussers worden veel te hard aangepakt. Ze zouden te duur zijn, de werkgever zou het een te groot risico vinden… Kortom: er is sprake van leeftijdsdiscriminatie. Daarnaast moeten we oppassen dat iedereen alleen maar gaat doen wat hij graag wil doen. Begeleid jongeren veel meer in de keuzes die ze hebben als ze gaan studeren. Dus, ga niet alleen doen wat je zelf leuk vindt, vertel de jongere ook dat hij uiteindelijk continu toegevoegde waarde moet blijven leveren bij elke rol die hij ooit in zijn werkende leven zal aannemen. Maar, heb wel oog voor het talent dat mensen hebben.”

Shirley Dietvorst: ‘Stimuleer persoonlijke ontwikkeling’

“Ik raad werkgevers aan om meer vaste contracten te geven aan werknemers. Je kunt daarmee de binding met je werknemers vergroten. Dat wil overigens niet zeggen dat ik tégen de ZZP’er en flexibel personeel ben. Integendeel. Ik geloof vooral in een goede mix van deze verschillende vormen van arbeid. Werknemers hebben echter ook een verantwoordelijkheid; zij zullen van waarde moeten blijven voor de arbeidsmarkt en dus zullen ze zichzelf vaker en meer moeten bijscholen. Ik stel dat mensen eigenlijk eens de vijf hoofdtalenten van zichzelf zouden moeten willen benoemen. En, dat ze daarmee aan de slag gaan. Je kunt niet meer een succesvolle werkcarrière ontwikkelen als je uitgaat van de inzet van maar één talent. Binnen het onderwijs kan die uitdaging ook mooi worden opgepakt. Waarom daar niet meer aandacht voor een vak als ‘Persoonlijke Ontwikkeling’?”

Els Brouwer: ‘De Wet Werk en Zekerheid is een vorm van onzichtbare manipulatie’

“Werknemers moeten zich meer bewust worden van hun talenten en drijfveren. Als ze zich sterker zouden realiseren waarom en waarvoor ze iets doen, dan zullen ze excelleren. Als bedrijven dit bij hun werknemers voor elkaar willen krijgen, dan is het van belang dat die bedrijven hun eigen verhaal beter gaan vertellen. Zodat ze talenten aan zich kunnen binden en dat werknemers veel meer de ambassadeurs van de organisatie gaan worden. De authenticiteit van het bedrijf begint bij het eigen verhaal. De authenticiteit is ook de opmaat naar duurzaamheid in relatie tussen werkgever en werknemer. Bovendien moeten we van de angst af dat we bepaalde kennis niet zouden moeten willen delen, omdat we bijvoorbeeld bang zijn dat de concurrent ermee van doorgaat. Die kennis is juist een verrijking voor de arbeidsmarkt. Daarom ben ik ook zo tegen de Wet Werk en Zekerheid. Eigenlijk is dat een vorm van onzichtbare manipulatie. Het is te sturend (naar zekerheid) terwijl een wet juist faciliterend moet zijn (hoe kun je je eigen zekerheid creëren).”

Tekst: Jerry Helmers // Fotografie: Blinkfotografie