Mystery guest


Tijdens de afgelopen beoordelingsronde heeft u vast een aantal medewerkers geprezen om hun inzet en prestaties. Maar helaas gaat niet alles zoals u dat graag zou zien.

U heeft dus ook een aantal medewerkers moeten aanspreken op hun gedrag of resultaten. Uiteraard heeft u dat allemaal keurig vastgelegd. Hier en daar bent u een verbetertraject gestart. Het lastige aan een dergelijk traject is dat de medewerker weet dat hij onder een vergrootglas ligt en vaak voorbeeldig gedrag gaat vertonen. Een exploitant van openbaar vervoer heeft daar wat op gevonden. Deze werkgever zet incidenteel mystery guests in op ritten om haar chauffeurs op maar liefst 51 punten te beoordelen. De uitkomst van deze beoordeling op gedrag, houding en rijvaardigheid wordt, nadat deze met de chauffeur zijn besproken, in het personeelsdossier opgeborgen. Relatief gezien wordt dit middel niet vaak ingezet. In de afgelopen vijf jaar is zeven keer een mystery guest ingezet. Er werken 1335 chauffeurs. De werkgever stuurt bovendien alleen mystery guests naar chauffeurs waartegen meerdere klachten van passagiers zijn ingediend of sprake is van meer dan drie zogenaamde “eigen schuld schades”.

Ik hoor u denken: “Goed idee, dat ga ik ook eens toepassen!”. Ik moet u dan toch even waarschuwen. De ondernemingsraad van deze openbaar vervoer exploitant was niet zo gelukkig met de regeling. Zij meende dat het besluit van de werkgever om deze mystery guests in te zetten, nietig was. Op grond van de Wet op de Ondernemingsraden (“WOR”) dient namelijk een vaststelling, wijziging of intrekking van “een regeling op het gebied van de personeelsbeoordeling” ter instemming aan de ondernemingsraad te worden voorgelegd. Dit was niet gebeurd. Immers werden de mystery guests slechts incidenteel ingezet.

Het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft zich over deze kwestie gebogen. Het hof constateerde dat de integrale beoordeling in de personeelsdossiers terecht kwam en, zoals de directeur zich in de procedure fijntjes liet ontvallen: “Deze beoordeling ook bedoeld is om in een ontslagprocedure te kunnen laten zien wat de werkgever heeft gedaan, voor dossieropbouw”. Anders dan werkgever stelde, was het dus niet slechts een middel om hulp en begeleiding aan de chauffeurs te bieden. Omdat de inzet van deze figuren in beginsel op iedere werkzame chauffeur (herhaaldelijk) toepasbaar is, viel de regeling onder het instemmingsrecht. De ondernemingsraad werd derhalve in het gelijk gesteld en de regeling verboden. Kortom: raadpleeg de WOR even bij creatieve ideeën!

Meer weten over de WOR? Kom op 15 of 22 juni 2017 naar onze HR Board! Zie www.mend.nl. «

 

 

Onze partners