Huidige regio: Landelijk

Duurzaam duurt het langst

Baart Koster
Baart Koster

Ik kom Boeddha, bij de Nepalese burgerlijke stand bekend als Siddhartha Gautama, steeds vaker tegen. Waar zijn serene gezichtstrekken mij aanvankelijk alleen door glaspuien van winkels bereikten, daar kan ik nu geen woonwijk meer doorwandelen. Terwijl ik mij nog goed herinner hoe het begon. Aanvankelijk zat de tevreden prins namelijk nog alleen te glimlachen in de interieurs van mensen die met hem hun leven dieper inhoud probeerden te geven. Die mensen waren meestal al eens op reis geweest naar Nepal en hadden wat boeken over hun leermeester in de kast.

Maar stapje voor stapje zette de man die voornamelijk met rust gelaten wilde worden om rustig te kunnen mediteren, zijn opmars voort. Steeds meer huiskamers zag hij van binnen. Nu ook van mensen die door zijn aanblik verleid waren in tuincentra, waarmee een drempel werd gepasseerd. Want wie is hij voor die uitdijende groep nieuwe kopers? Iemand die goed in het interieur past omdat hij ‘een stukje’ sfeer en rust toevoegt?

Zoiets moet het haast wel zijn. Want ik geloof niet dat ik, omdat ik Boeddha links laat liggen, ineens tot een minderheid van de Nederlanders behoor. Het lijkt er meer op dat de Boeddhabeeldenrage een teken is van de tijd waarin wij leven. Waarin vlaggen in afnemende mate ladingen dekken. Waarin wij graag beginnen met een fles krachtige, volle wijn die vervolgens door constante toevoeging van water langzaam verandert in een karakterloze, laffe substantie. Terwijl we het brouwseltje stug wijn blijven noemen.

Iets soortgelijks zie je bij duurzaam ondernemen. Daar startten we zo’n vijftien jaar geleden mee. De ambities waren flink en zoals dat in Nederland gaat, ontwikkelden we eerst keurmerken. Ondernemers die hun wegen verduurzaamden kregen als beloning zo’n stempel van goedkeuring. Maar omdat verduurzamen investeren is en investeren geld kost, gingen velen precies genoeg doen om dat stempeltje te verdienen. Een echte mentaliteitsomslag vindt in Nederland nu eenmaal alleen plaats als die niks hoeft te kosten. Wat dát betreft verandert onze mentaliteit niet. Maar het duurzaamheidsstempeltje ging daardoor steeds meer staan voor opportunisme en steeds minder voor écht groen ondernemen.

Onze overheid is helaas geen haar beter. Die stelde groene subsidies ter beschikking, maar hief vele snel weer op wegens succes. Op school leerde ik dat je menselijk gedrag door middel van de wortel in een gewenste richting kunt sturen. Maar onze overheid heeft een soort begrenzingsreactie ontwikkeld. Zodra gewenst gedrag gaandeweg ontstaat, maar serieus subsidiegeld blijkt te kosten, trekt zij zich als een haas in haar leger terug. Met de wortel.

Terwijl het goede voorbeeld nota bene door onze Oosterburen wordt gegeven. Duitsland maakt heldere keuzes, investeert substantieel en zie; duurzaamheid is daar echt van de grond gekomen. Hopelijk doet dit goede voorbeeld volgen, want er is alle reden toe. De Duitsers beginnen, omdát ze duidelijk en tijdig kozen voor duurzaam ondernemen en innoveren, er nu ook geld aan te verdienen.

‘De cost gaet voor de baet uyt.’ Het is een oud-Hollandse wijsheid. De Duitsers hebben die klok niet alleen horen luiden, ze weten ook waar de klepel hangt. Nu wij nog.

Baart Koster (freelance zakelijk & economisch journalist en copywriter)